Aanslagen raken Joodse gemeenschap diep
De aanslagen op een synagoge in Rotterdam en een Joodse school in Amsterdam hebben veel indruk gemaakt. De Joodse gemeenschap is er hard door geraakt en velen voelen zich onveilig. De incidenten passen binnen een breder patroon van aanslagen op Joodse doelen wereldwijd sinds de uitbraak van de oorlog tussen de Islamitische Republiek Iran en de Verenigde Staten en Israel. Het klimaat waarin deze aanslagen plaats kunnen vinden gaat echter al verder terug. Voortzetting van zwak beleid kunnen we ons niet veroorloven.

Uit jihadistische hoek
In de nacht van donderdag 12 op vrijdag 13 maart ging een explosief af bij de NIG-synagoge in Rotterdam. De explosie werd gevolgd door een brand. De verdachten werden daarna aangehouden in de buurt van een andere synagoge in Rotterdam. In de nacht van vrijdag op zaterdag vond een explosie plaats bij de Joodse school Cheider in Amsterdam-Buitenveldert. Van beide aanslagen gingen al snel filmpjes rond, hoogstwaarschijnlijk opgenomen door de verdachten zelf, met daarin het logo van een tot op heden onbekende islamitische organisatie. Het logo kwam ook terug in zelfgemaakte beelden van een explosie bij kantoorgebouw het Atrium op de Amsterdamse Zuidas. Wat daar het beoogde doel en de eventuele link met Joden was, is vooralsnog onduidelijk.
Deze groep opereert onder de naam Harakat Ashab al-Yamin al-Islamiyya, vrij vertaald Islamitische beweging van de Rechtvaardigen. Het logo lijkt veel op dat van onder andere Hezbollah (Libanon), Kataib Hezbollah (Irak) en Harakat Ansar Allah al-Awfiya (Irak). Laatstgenoemde groep gebruikt ook de naam Ashab al-Yamin. Voor al deze bestaande groepen geldt dat zij een jihadistisch-fundamentalistisch sjiitische ideologie aanhangen en gesteund, gefinancierd, getraind en bewapend worden door de Quds Force van de Iraanse Revolutionaire Garde (IRGC).
Golf van antisemitisch geweld
Of Harakat Ashab al-Yamin al-Islamiyya daadwerkelijk bestaat is vooralsnog niet met zekerheid te zeggen. Wel doken recent al beelden op uit Griekenland en België waar het logo van de groep ook al op te zien was. In Luik vond in de nacht van zondag op maandag een forse explosie plaats bij een synagoge. Ook daar eiste deze groep de aanslag op.
Het is niet ondenkbaar dat het gaat om een gefingeerde naam voor een niet bestaande groep. De aangehouden verdachten van de aanslag in Rotterdam zijn tieners van Antilliaanse afkomst uit Tilburg. Zij gelden vermoedelijk als uitvoerders en stromannen. Het lijkt namelijk zeer waarschijnlijk dat, mogelijk via veel tussenpersonen, de Islamitische Republiek Iran achter de aanslagen zat. Sinds de oorlog in Iran is uitgebroken, heeft er een golf van aanslagen op Joodse doelen in het Westen plaatsgevonden. Op 28 januari reed een man met zijn auto in op het kantoor van Chabad en bijbehorende synagoge in New York. Tussen 2 en 6 maart werden drie synagogen in Toronto beschoten. Daags voor de aanslag in Rotterdam reed een man met een auto vol explosieven in op een synagoge in Michigan en opende het vuur met een wapen. De dader van die laatste aanslag bleek de broer van een Hezbollahcommandant.
De rol van Iran én Nederlandse bestuurders
Het kabinet heeft aangegeven dat de mogelijke rol van Iran bij de aanslagen onderzocht gaat worden. Het zou niet voor het eerst zijn dat Iran via terreurgroepen of tussenpersonen aanslagen pleegt op Joodse doelen. In 1994 vielen bijna honderd doden bij een aanslag op een Joods centrum in Buenos Aires, waar de IRGC achter zat. Azerbeidzjan wist recent nog een IRGC-aanslag op Joodse doelen te verijdelen. Ook in het Verenigd Koninkrijk werden personen gearresteerd die Joden en Joodse doelen bespioneerden voor de Islamitische Republiek Iran.
Hoewel de aanslagen mogelijk het werk zijn van het Iraanse regime, dragen Nederlandse bestuurders mede de verantwoordelijkheid voor het klimaat waarbinnen antisemitisme zo genormaliseerd is. Toestaan dat pro-Palestijnse betogers bezoekers van de opening van het Holocaustmuseum de huid vol schelden ‘omdat het mag schuren’, is onbegrijpelijk. Tolereren dat universiteiten gesloopt en bezet worden door pro-Palestijnse betogers die ongestraft uitingen als ‘no zionists allowed’ doen, is onverdedigbaar. Als politiek voortdurend Israel, de Joodse staat, demoniseren en delegitimeren draagt actief bij aan een ongezond klimaat van anti-Israelische razernij, dat vanzelf omslaat in anti-Joods sentiment. Daar ondervinden we nu de gevolgen van.
Bagatellisering van het probleem
Het is vooral de Joodse gemeenschap die de gevolgen moet dragen van slap beleid. Veel politici kunnen het niet laten om antisemitisme op één hoop te gooien met ‘racisme, islamofobie en alle andere vormen van haat.’ Daarmee wordt de enorme problematiek rondom Jodenhaat miskend en onbedoeld gebagatelliseerd. Er is geen enkele minderheid in Nederland die zo veel veiligheidsmaatregelen nodig heeft als de Joodse gemeenschap. Een moslima kan zonder zorgen met een hoofddoek over straat, een Jood niet met een keppeltje of Davidster. Een islamitische school heeft geen metershoge hekken en zwaarbewapende marechaussees nodig, een Joodse school wel. Natuurlijk vindt er in Nederland ook discriminatie richting moslims plaats, maar de problematiek is echt van een totaal andere orde van grootte. Door dit toch steeds met elkaar in één adem te noemen, dringt binnen de samenleving onvoldoende door hoe precair het gesteld is met Joods leven.
Deze reflex zagen we eerder ook al bij de Jodenjacht van november 2024. Bovendien maken de recente aanslagen duidelijk dat gewelddadig antisemitisme vanuit islamitische hoek een groeiend en zeer ernstig probleem is. Ook de daders van de geweldsexplosie bij de Jodenjacht kwamen uit de islamitische gemeenschap. Dat is een probleem dat benoemd moet worden. Natuurlijk komt antisemitsme ook uit extreemlinkse en extreemrechtse hoek. Vanuit extreemlinks wordt het woordje ‘zionist’ misbruikt om Joden uit te sluiten en totaal te demoniseren, op extreemrechts staan openlijk neonazistische figuren op de kandidatenlijst van Forum voor Democratie. De bereidheid tot geweld tegen Joden is echter vooral binnen islamitische kringen groot. Een onderdeel van de aanpak tegen Jodenhaat moet dan ook zijn dat er binnen die gemeenschap actief wordt ingezet op scholing, preventie en toezicht. Zonder echte maatregelen zullen Joden de klos blijven.
Meer over ons
Het Meldpunt Antisemitismekomt voort uit het Centrum Informatie en Documentatie Israel, dat jarenlang de Monitor Antisemitische Incidenten verzorgde. Ons team bestaat uit bevlogen medewerkers die ieder hun eigen expertise hebben op het gebied van antisemitisme en educatie.